Waarom heb je dit boek geschreven?
YB: ik heb dit boek geschreven om een beeld te geven in het dagelijks
leven van Tibet voor de Chinese inval en bezetting. Een beeld van de
samenleving zoals die er toen uitzag, en waarover niet eerder door een
Tibetaanse auteur is geschreven. Ook wilde ik onze familie geschiedenis
optekenen, die de politieke geschiedenis van Tibet weerspiegelt, over
een periode van bijna 100 jaar.
Je moeder is een Tibetaanse beeldend kunstenaar, je broer fotograaf,
jijzelf bent actrice. Wat is vanuit deze achtergrond jouw visie op hedendaagse
Tibetaanse kunst?
YB: De Tibetaanse kunst was altijd religieuze kunst, uitsluitend door
mannen beoefend. Nu is er een verandering gaande, dat ook meer vrouwen
gaan schilderen en een aandeel hebben in de ontwikkeling van Tibetaanse
moderne kunst, die zich losmaakt van de traditie.
Hoe zie je jouw identiteit op dit ogenblik?
YB: ik ben half Tibetaans, half Zwitsers, maar werd opgevoed in een
Tibetaanse familie, zodat ik de taal goed spreek en daarin ook kan lezen
en schrijven. Ik leef in meerdere culturen tegelijk, maar in mijn hart
is Tibet mijn thuis.
Hoe zie jij, als Tibetaanse, opgegroeid in het Westen, Tibet?
YB: In het Westen wordt Tibet nog vaak gezien als een soort mysterieus
land, waar magie leeft en ook nog gevaarlijke avonturen te beleven zijn.
Ik zie Tibet veel meer in de Chinese realiteit, hoewel daarover in Tibet
eigenlijk niet gesproken wordt, en kinderen ook heel weinig wordt verteld.
Na mijn studie in Dharamsala ben ik een tijdlang President van de Tibetan
Youth Congress geweest, politiek erg uitgesproken. Maar ik denk nu toch
wat genuanceerder.
Je beschrijft in je boek hoe de Tibetaanse Maatschappij er
in de jaren vijftig uitzag. Hoe kijk je daar nu op terug?
YB: Mijn boek laat een maatschappij zien, die toen zeker ook in klassen
verdeeld was, waarbij de hogere klasse zeker meer aanzien had en allerlei
privileges genoot, zoals in onderwijs. Mijn boek is een geschiedenis
met een sociologische component.
Wat denk je, dat het meest nodig is in Tibet, tegen de achtergrond
van de Chinese overheersing?
YB: Het belangrijkste is onderwijs. Iedereen moet de taal goed kunnen
leren, en dat is niet nu niet net zo makkelijk als Chinees. De Tibetaanse
bevolking moet gelijke rechten hebben als de Chinese bevolking, en dat
is nu ook niet het geval. Er is een risico van vertekening van de werkelijkheid
door de door China gecontroleerde media. Met mijn boek wil ik een tegenwicht
bieden.
Welke hoop heb jij voor Tibet, wat zijn jouw wensen?
YB: We moeten realistisch zijn en een manier vinden om met de Chinezen
samen te leven. Het wiel kan niet terug gedraaid worden. Vanuit een
Boeddhistische invalshoek zien we dat het Tibetaans Boeddhisme naar
het westen is gekomen, zoals Padmasambhava dat eeuwen geleden voorspelde,
en waarnaar de titel in het Engels en Duits (Iron Bird, Eisenvogel)
ook verwijst.
Denk jij dat HH de Dalai Lama nog naar Tibet zal terug keren?
YB: Ik hoop dat van harte, maar het zal alleen mogelijk zijn, als zijn
leven niet in gevaar is, verder zie ik weinig voorwaarden.
Wat zou je nog willen zeggen dat ik niet gevraagd heb?
YB: Wat ik belangrijk vind van mijn boek is dat het over drie generaties
vrouwen gaat, die heel verschillend zijn, maar ook gelijk in de idealen
die we hebben. Ons boek is een verhaal over onze verbondenheid en een
les dat van mensen die ouder worden soms ook wijzer zijn en we van hen
kunnen leren.
----
Yangzom Brauen is auteur en actrice, en groeide op in India, Zwitserland
en Duitsland en woont nu in New York. Haar moeder en grootmoeder vluchtten
uit Tibet, Sneeuwland is het relaas van hun leven. Haar vader is Dr.
Martin Brauen, eerder directeur van het Volkenkundig Museum in Zürich,
voor de afdeling Tibet en nu curator van het Rubin Museum of Tibetan
Art in New York.
Dit interview met Yangzom Brauen (YB) werd voor ArtSite geschreven door
Eckart Dissen, voorzitter van de Foundation for Meeting with Tibetan
Culture (FMTC).
|